Geplaatst op 02 juni 2020

Zij zijn De Stad: René Brozius

In de serie Zij zijn De Stad deze keer: Rasmiddelburger René Brozius!

Organist. Pianist. Entertainer. Met zijn visitekaartje verklapt René Brozius (1939) meteen wat de rode draad in zijn leven is. Eenentachtig is hij nu. Net als veel andere muzikanten en artiesten heeft ook René behoorlijk veel last van de coronacrisis. Desondanks vervult muziek nog altijd de hoofdrol in de dingen die hij dagelijks doet. Zijn synthesizers, die hij zelf workstations noemt, staan nu tijdelijk opgesteld in zijn woonkamer. Als het ook maar even kan speelt hij erop, vrijwel alle liedjes kent hij uit zijn hoofd.

René is gespecialiseerd in evergreens van de jaren veertig tot nu. “Ik denk dat ik wel zo’n duizend nummers kan spelen zonder bladmuziek. Da’s de ervaring hè? Ik speel al vanaf m’n zesde.” Als ik hem vraag of zijn buren geen last hebben van zijn spel, begint hij te lachen. “Welnee joh, dan zetten ze de deuren naar de gang juist open. Mijn buren genieten er juist van.”

Als we even later in de gemeenschappelijke tuin van het appartementencomplex aan de Gerbrandylaan staan, in de Middelburgse wijk Klarenbeek, zie en hoor ik dat de contacten tussen de bewoners inderdaad prima zijn. Er heerst een gemoedelijke sfeer. Als René de hond van een buurman ziet roept hij die alsof het zijn eigen huisdier is. Het beestje reageert meteen.

Het tafereel zegt iets over de onderlinge sfeer, maar ook over René. Hij is graag onder de mensen. Ik ken hem vooral als een van de Middelburgers die bijna iedere dag met een man of tien op de Markt staan, meestal voor het oude winkeltje van JB Diesch. “Waar hebben jullie het toch altijd over?” René begint weer te lachen. “Meestal over wie er nu weer dood is. Echt hoor, dat is een onderwerp dat vaak terugkomt.”

Maar een praatgroep over zware onderwerpen is het zeker niet. Ik sta er weliswaar nooit lang bij, maar in het voorbijgaan hoor ik de mannen steevast met elkaar dollen. Echte vrienden zijn het misschien niet eens, maar ze kennen elkaar al jarenlang, of zelfs een leven lang. Ze delen vooral heel veel Middelburgse verhalen met elkaar. Ze kennen iedereen van hun generatie. Tot een paar jaar geleden woonde René vijftien jaar in België, het land waar hij nog steeds vaak speelt op feesten, recepties en diner-dansants, maar nu hij weer terug is in zijn geboortestad voelt het voor hem alsof hij nooit is weggeweest.

“Ik ben opgegroeid in de vroegere Rozendwarsstraat, dat wat nu de Oranjelaan is. Het was een mooie tijd, daar in de rooie buurt. Het zegt jou misschien niet zo veel meer, maar de Middelburgse broers Johan en Jan-Willem Antheunisse hebben over het gezin Brozius verteld hoor, in hun voorstelling ‘Huurdersliefenleed’. Mijn ouders wilden na de inundatie per se terug naar ons huis, dat nog onder water stond.” Als hij erover vertelt pakt hij een doos met oude foto’s, om te laten zien hoe het er aan toeging toen. Het zijn bijzondere beelden, van een huis omgeven door stellages, die fungeerden als noodtoegang. Als ik de foto’s zie herinner ik me het verhaal van de gebroeders weer. “Oh! Ben jij er eentje van dát gezin?”

Muziek kreeg René met de paplepel ingegoten. Zijn opa was een pianist, zijn vader ook. “Ja, dat is wel bijzonder he? Mijn opa speelde bijvoorbeeld de muziek in cinema Electro op de Markt. In die tijd draaiden er alleen stomme films, vandaar. Mijn vader was een echte klassieke pianist. Hij vond het maar niks dat ik koos voor het moderne genre. Evergreens uit de oorlog, van Sinatra, maar ook jazz en Rock ’n roll. Verschrikkelijk vond hij het. Misschien is dat ook wel de reden geweest dat ik al op vrij jonge leeftijd op mezelf ben gaan wonen.”

Een beetje opstandig was René dus wel, maar een echte wildebras was hij ook weer niet. “Ik voel me nog steeds fit. Ik heb veel gesport vroeger, en nooit gerookt en gedronken. Dat scheelt alles hoor! Hard gewerkt heb ik wel altijd. Toen ik klaar was met de ULO op de Dwarskaai ben ik naar de Kraanschool in Rotterdam gegaan. Dat combineerde ik met muziekbijles in de avonduren, van iemand die op het conservatorium daar werkte. Ik kon dan iedere dag nog net met de laatste trein terug naar Zeeland.

Na mijn opleiding heb ik vele jaren als kraanmachinist gewerkt, onder meer bij bouw- en heibedrijf Wewabo in Vlissingen. We werkten toen nog met van die klassieke hei-installaties. Kijk maar eens.” Hij laat weer een paar oude foto’s zien, van grote klussen in het centrum van Vlissingen.

René vertelt met zichtbaar plezier over álle dingen die hij doet en deed, maar steeds keert hij binnen een paar minuten terug bij de muziek. Dat vindt hij zelf toch net wat belangrijker dan zijn tijd in Saoedi-Arabië, of dan alle Middelburgers die hij kent. En natúúrlijk brengt hij graag even een paar nummers ten gehore.

ls ik even later op de fiets stap zit de muziek nog in mijn hoofd: We’ll meet again van Vera Lynn. Grijnzend bedenk ik dat wij wél bijna zeker weten waar en wanneer we elkaar weer zullen treffen. Diezelfde middag zie ik René inderdaad weer, op de Middelburgse Markt inderdaad. Ik had het jammer gevonden als dat niét zo zou zijn geweest.

Filmpje: op YouTube.


Delen op

Met elkaar houden we de stad open.
#bewustmiddelburg

Bekijk snel alle maatregelen voor de binnenstad van Middelburg. Met elkaar houden we de stad open.
Alle informatie is te vinden op deze pagina.

Bewust Middelburg